Ik had een intensieve clinic met een klein aantal  deelnemers. Ze kenden elkaar niet. Het enige wat ze gemeen hadden was dat ze bewuster wilden leren omgaan met hun paard. Zo’n clinic begint met aftasten. De deelnemers berijden hun eigen paard. Ze zijn voorzichtig en aarzelend, want ze weten niet goed wat ze kunnen verwachten. Ik observeer wat de deelnemers doen, en ik zie hoe de paarden daarmee omgaan. Ik voel hun stille protest. Maar ik voel ook het onvermogen van deelnemers om hun routines te doorbreken. En de paarden voelen mij ook. En dan komt er een moment dat een van de paarden mij ‘aanspreekt’: ‘of ik niet wat zou kunnen helpen’.

En dan begin ik een gesprek met die combinatie. Ik vraag de ruiter dan om alle verwachtingen los te laten. Om zijn gedachten te focussen op iets positiefs. En dan het paard te gaan rijden, zonder het direct te willen sturen met teugels of hulpen. Maar alleen mee te bewegen met het paard.

Dan komt het moment dat zo’n ruiter over zijn scepsis heen stapt en ontdekt dat het zo veel gemakkelijker gaat. Want ook het paard heeft ontdekt dat de spanning plaats heeft gemaakt voor ontspanning. En dan is het ijs gebroken. Zo’n gebeurtenis heeft ook zijn invloed op de andere deelnemers aan de clinic. En ook hun paarden voelen de verandering. 

Dan is er een pauze. En de ruiter kan zijn ervaringen delen met de rest van de groep. Daarna verandert de voorzichtige, afwachtende sfeer in de groep in een meer begripvolle en geïnteresseerde houding naar elkaar toe. Ik weet inmiddels uit ervaring dat wat ik hen teruggeef van de informatie die ik van de paarden doorkrijg, soms best confronterend  kan zijn. Maar dat is nodig zodat ze zichzelf bewust worden van hun automatische handelingen en gedachten die ik weerspiegeld zie in de houding en het gedrag van hun paarden. Maar de deelnemers moeten wel eerst hun scepsis laten varen. Dan pas kan ik ze erop wijzen dat ze verder kunnen komen als ze hun vaste patroon willen doorbreken. Want in overleg met je eigen paard kom je verder. Stap voor stap. Zo kan ik ze wegwijs maken op het pad van samenwerking.

Dan kan ik uitleggen en ze laten ervaren dat de  ‘onafhankelijke zit’ ervoor zorgt dat de ruiter zonder spanning kan meebewegen met zijn paard. En dat het van belang is dat het zwaartepunt van het paard zich recht onder het zwaartepunt van de ruiter bevindt. Dan zijn ze samen in balans. De benen rusten dan in een actieve maar ontspannen houding langs het paard naar beneden. En het bovenlichaam beweegt mee in een ontspannen opwaartse houding naar boven.

Als dat gevoel er is, vraag ik ze weer op een volte te komen en deze volte in stap aan de lange teugel linksom en rechtsom te rijden, puur vanuit de zit. Dat is dan nog vaak een hele opgave om dit in de praktijk te brengen, want onbewust zoek je steeds steun op de teugels en stijgbeugels, waardoor je  weer vast komt te zitten in schouders en bovenbenen. Ik vraag dan om de stijgbeugels uit te doen en in stap verder te gaan met de oefening. Zo kun je bewust voelen hoe je zit en wat je houding voor invloed heeft op je paard. Want het is uiteindelijk jouw energie die via je houding overgebracht wordt op je paard.

Ik zie dan dat sommigen enorm aan het zoeken zijn om meer grip te krijgen op deze voor hen nieuwe situatie. Langzaamaan verplaatst de focus zich van het bovenlichaam naar de zit en naar het paard. En dan begin je in de gaten te krijgen dat je paard zich bij het rechtsom rijden niet meer vastzet en niet meer onder je weg wil lopen. Het paard krijgt meer plezier en wordt ook losser in de bewegingen.

Deze groep werd zich deze dag bewust van het feit dat het van belang is om gevoelsmatig te leren rijden. En hoe je op deze zachte manier kunt inspelen op de wisselwerking van energie tussen jezelf en je paard.